Hoe is het met...Ben Rietveld

2 maart 2002

 

 
1. Hoe is het met Ben Rietveld ?
Ik ben na mijn actieve loopbaan beheerder geworden van een sporthal in Woerden waar ik ook woon met mijn vrouw en 2 kinderen. De werkzaamheden bestaan uit het begeleiden van sporters, eventuele gebreken repareren, de boel netjes schoonhouden. Mijn kinderen hebben wel gesport maar doen tegenwoordig meer het recreatieve werk als fitness en aerobics.

2. Hoe ben je bij FC Utrecht terecht gekomen ?
Ik voetbalde bij DWSV en werd ontdekt door een scout van FC Utrecht die eigenlijk voor een andere speler kwam kijken. Ik ben toen uitgenodigd voor een testwedstrijd en heb eigenlijk na die wedstrijd niks gehoord en er kwam ook niemand naar me toe. Toen kreeg ik dezelfde avond laat een brief in de bus met een uitnodiging voor een gesprek. Ik ben toen in het toenmalige C-team gekomen en samen met Gert Kruys doorgegroeid naar het eerste elftal.

3. Welk moment bij FC Utrecht zal je nooit meer vergeten ?

Voor mij was FC Utrecht één groot hoogtepunt. Ik ging als jochie al op zondag naar FC Utrecht toe en ook al bij DOS ging ik kijken. Ik ben dus eigenlijk van supporter speler geworden, een jongensdroom kwam uit. Het voor het eerst behalen van Europees voetbal was onvergetelijk.Het was één lange droom: een gewonnen wedstrijd, feest in de kleedkamer, feest in de bus, dan naar Utrecht toe waar dat hele plein volstaat en dan de stad in met z'n allen tot je niet meer te vervoeren ben. Ook alle Europese wedstrijden zijn hele aparte sensaties waar je het in principe allemaal voor doet.

4. Wat heb je na je FC-tijd gedaan ?
Ik was tijdens mijn FC-tijd al trainer bij de zaterdag afdeling van Kamerik. Via een kennis van een speler kwam ik aan de baan als sporthalbeheerder. Toen ik jaren later stopte als trainer bij Rivierenwijkers werd ik gevraagd voor de scouting bij FC Utrecht. Ik ben daar een beetje op een flauwe manier bedankt voor mijn diensten. Via een telefoontje kreeg ik te horen dat ik te duur zou zijn, terwijl ik alleen de kilometers, entreekaart en broodjes declareerde. Na de scouting ben ik bij DOS gevraagd als trainer en heb daar 2,5 jaar gezeten. Als oud-voetballer kan je toch bepaalde situaties beter overbrengen. Ik heb zelf veel geleerd van onze verzorger bij FC Utrecht, Martin Ockhuizen. Is zelf een hele goede voetballer geweest en wees me op allerlei bepaalde punten.

5. Volg je FC Utrecht nog ?
Ik ben nog steeds supporter van FC Utrecht, die trouwens heel populair is in Woerden. Ik heb ook tot aan mijn trainersschap bij DOS, een paar jaar terug, samen met mijn broers en dochter een seizoenkaart gehad. Heel leuk en veel genieten in het stadion. Ik volg het tegenwoordig via teletekst of Radio M. Het voetbal is eigenlijk op een zijspoor gezet na een hersenoperatie bij mijn vrouw mei vorig jaar.

6. Voetbalhumor uit je FC-tijd ?
We hadden een hele leuke groep en er werd van alles uitgehaald onderling. Toen we naar Arges Pitesti gingen moesten we rusten in een hotel. De mensen daar in Roemenië hadden geen rekening met ons gehouden. Er werden volgens mij eerst een hoop mensen weggestuurd want de bedden waren even snel opgemaakt en nog warm. Ik zat daar samen met Gert Kruys en Ton de Kruijk op een kamer met één tweepersoonsbed. Ton en ik lagen dus op dat bed met Kruys in ons midden in het holletje van Kruys. Dat was wel lachen. Verder was ik een keer in het stadion met Jan Wouters aan het warmlopen. Op een gegeven moment trapt Jan die bal richting goal en gaat over het doel en schiet bij een man een pruik van zijn hoofd af. We zeken bijna in ons broek van het lachen en moesten naar binnen. Kwam Barry Hughes achter ons aan en vroeg waar we mee bezig waren. Hij kon er ook wel om lachen maar stuurde ons weer snel naar buiten. Andere dingen horen in de groep en moeten eigenlijk daar ook blijven.

7. Mensen praten nog steeds over een type Rietveld, wat vind je daar van ?
Dat is heel gek, in mijn tijd als voetballer beleefde je dat niet zo. Maar nu lees je steeds dingen als "in de tijd van Rietveld, de Kruijk, Du Chatinier". Dat waren de harde werkers en toch de mindere voetballers. We hadden toen toch ook een van Hanegem, van der Lem, de Wit, Wouters, Kruys, Adelaar, dat waren toch allemaal goede voetballers. Maar dan halen ze toch steeds Rietveld, de Kruijk en Du Chatinier aan, dat vind ik dan wel leuk. Het Utrecht-publiek wil gewoon spelers zien die ondanks slecht spel er toch 90 minuten voor gaan. Dat merk ik nog steeds als ik herkend word. Ik stond pas bij me vader en moeder voor de deur en zag een auto voorbij komen. Opeens stopt die auto en stapt er een man uit van mijn leeftijd. Die man stond te springen, Bennie Rietveld Bennie Rietveld. Op dat moment wist ik me geen houding te geven maar vond het wel heel leuk. Je beseft dan later toch wat je betekent voor zo'n man en daar ben ik best trots op.


 

 

 

Home    Shirts    Interviews     Contact      Links